Depressieve stoornis

De depressieve stoornis wordt ook wel 'unipolaire' of 'gewone' depressie genoemd. Iemand met een depressieve stoornis heeft langere tijd last van somberheid en daar ook last van in het dagelijks leven.

Wat is het?

Bij een depressie heeft iemand gedurende minstens twee weken last van neerslachtigheid. De duur van een depressie is voor iedereen verschillend. De oorzaak is meestal een combinatie van factoren; aanleg, karakter en ingrijpende gebeurtenissen spelen mee. Een depressie verstoort het dagelijks leven, omdat men het moeilijk of zelfs ondoenlijk vindt om sociale contacten te onderhouden en bijvoorbeeld dagelijks naar het werk te gaan.

Een periode waarin men aan depressieve symptomen lijdt, wordt een depressieve episode genoemd. Het herstel van een depressieve episode is vaak onvolledig, waardoor er restsymptomen blijven bestaan. Deze restsymptomen vergroten de kans op een nieuwe depressieve episode. De meeste mensen die gediagnosticeerd worden met een depressie, maken dan ook meerdere depressieve episoden mee.

Depressie kan de oorzaak zijn voor een wens tot zelfdoding. Daarom is een tijdige herkenning en behandeling van de ziekte zeer belangrijk.

Verloop

Het herstel van een depressie is voor iedereen anders. De helft van de mensen met een depressie herstelt binnen 3 maanden. Voor 60% geldt dat ze binnen een half jaar weer beter zijn. In sommige gevallen zelfs zonder behandeling. Hoe langer de klachten duren, hoe kleiner de kans op herstel. 

Symptomen

Depressie heeft veel verschillende symptomen die worden verdeeld in hoofd- en overige symptomen. Er kan pas sprake zijn van een depressie als er naast één of meerdere van de hoofdsymptomen ook sprake is van meerdere van de overige symptomen. Deze symptomen zijn het grootste deel van de dag aanwezig.

Niet alle symptomen hoeven voor te komen om te kunnen spreken van een depressie. Er zijn grote persoonlijke verschillen in het ervaren hiervan. 

Hoofdsymptomen
  • Een sombere stemming hebben. Het leven zonder zin of doel vinden.
  • Minder plezier en interesse in bijna alle activiteiten. 
 Overige symptomen
  • Gewichtsafname, verminderde smaak en verminderde eetlust. Minder vaak is er juist sprake van toegenomen eetlust en/of gewichtstoename.
  • Problemen met inslapen, regelmatig wakker worden en vroeg ontwaken in de ochtend. Minder vaak is er juist een toename van slaapbehoefte.
  • Verwaarlozing van zichzelf. Men trekt zich vaak terug in huis of in bed.
  • Gevoelens van vermoeidheid en futloosheid.
  • Besluiteloos en onzeker zijn.
  • Schuldgevoelens en gevoelens van waardeloosheid.
  • Het leven zinloos of waardeloos vinden.
  • Paniek- of angstgevoelens.
  • Prikkelbaarheid, vergeetachtigheid, concentratiestoornis.
  • Verminderde seksuele gevoelens.
  • Gevoelens van wanhoop, gedachten van uitzichtloosheid of hopeloosheid.
  • Terugkerende gedachten aan de dood.

Ontstaan

Er zijn verschillende factoren die invloed kunnen hebben op het ontstaan van een depressie. Een aantal ervan is erfelijk. Men weet nog niet precies welke erfelijke factoren een rol spelen. Kortom, uw aanleg voor een depressie kan (deels) aangeboren zijn. Kinderen van ouders met een depressie hebben drie keer zoveel kans om zelf ook een depressie te krijgen, als andere kinderen. Ook ingrijpende levensgebeurtenissen zoals een echtscheiding, ontslag, overlijden, maar ook het krijgen van een kind, kunnen een oorzaak zijn. Daarnaast kunnen ook sommige medicijnen en drugs een depressie veroorzaken. Tot slot zijn er medische aandoening die de kans op een depressie vergroten, zoals een hersenbloeding of een slecht werkende schildklier.

Behandeling

Depressies zijn over het algemeen goed te behandelen. Meestal bestaat de behandeling uit psychologische interventies, ondersteund met medicijnen.

Psychologische interventies

Psychologische interventies helpen u om inzicht te krijgen in uw gedachten en gedrag en de invloed daarvan op uw gezondheid. De meest voorkomende psychologische interventies bij de behandeling van depressie zijn cognitieve gedragstherapie, gedragstherapie en interpersoonlijke therapie.

Medicijnen

U kunt er, samen met uw behandelaar, voor kiezen (of gekozen hebben) om medicijnen te gebruiken bij de behandeling voor uw depressie. Er zijn grote verschillen tussen mensen in hoe goed bepaalde medicijnen werken. Het vinden van het juiste middel en de juiste dosering kan een tijd duren. Hoe meer u en uw behandelaar weten over hoe u reageert op medicijnen, hoe beter. Ook informatie over uw familie kan helpen om voor u zo snel mogelijk de juiste medicijnen in de juiste dosering te vinden.

U maakt met uw behandelaar afspraken over het gebruik. Welke medicijnen u moet slikken, hoe vaak u dat moet doen en hoeveel u dan moet innemen. Bij het starten met medicatie duurt het vaak een aantal weken voordat er een verbetering zichtbaar is. Bovendien kunnen de klachten in het begin verergeren. Uw behandelaar licht u in over mogelijke bijwerkingen. Met uw behandelaar bespreekt u bovendien of uw medicijnen invloed hebben op bijvoorbeeld autorijden en of u ze mag gebruiken in het geval van zwangerschap en borstvoeding.

Er zijn verschillende medicijnen die effectief kunnen zijn bij de behandeling van een depressie. Met name wordt er gebruik gemaakt van antidepressiva, stemmingsstabilisatoren en benzodiazepinen. In het geval van lichte tot matige depressie kan ook Sint-Janskruid worden overwogen.

Electroconvulsietherapie (ECT)

Een depressie kan soms leiden tot een levensbedreigende situatie, bijvoorbeeld door weigering van voeding of vocht, of door ernstige suïcidaliteit. Ook kan de ernst van het beeld (bijvoorbeeld bij een depressie met psychotische kenmerken) zodanig veel lijdensdruk geven dat een snel effect van behandeling gewenst is. Daarnaast zijn er ook patiënten bij wie de bovenstaande psychologische en medicamenteuze behandelingen geen of onvoldoende effect hebben. In deze gevallen kan behandeling met electroconvulsietherapie (ook wel elektroshocktherapie of ECT genoemd) worden overwogen.

Voor iedereen anders

Er zijn verschillende behandelingen effectief gebleken. Afhankelijk van uw specifieke situatie bepaalt u met uw behandelaar welke behandeling(en) het best bij u past. Daarbij is de ernst van de depressie van belang (lukt het u nog om uw dagelijkse activiteiten uit te voeren?).

Ook de duur van de depressie speelt mee (wanneer een depressieve episode langer dan 6 maanden duurt, dan is de kans op volledig herstel kleiner). Wanneer nodig worden eventuele aanvullende behandelingen ingezet. Bij een ernstige depressie kan een opname noodzakelijk zijn. Overmatig gebruik van alcohol of drugs kan de behandeling hinderen.

Veelgestelde vragen

Hoe lang duren deze klachten?

Het is voor iedereen anders hoelang depressieklachten aanhouden. Dit is onder andere afhankelijk van de ernst van uw klachten, maar ook van hoelang de klachten al bestaan.
 
Heeft u eenmaal een depressie gehad, dan is de kans groot dat u nogmaals een depressie krijgt. Door het volgen van een behandeling leert u echter steeds beter met uw klachten omgaan en leert u de klachten ook steeds sneller herkennen, waardoor u sneller kunt ingrijpen.

Wat zeg ik tegen mijn werkgever of mijn collega’s over mijn depressie?

Het is niet altijd makkelijk om in uw omgeving uit te leggen wat er aan de hand is. Als u hier onzeker over bent, kunt u dit natuurlijk altijd met uw behandelaar bespreken. Ook kunt u andere mensen met een depressie vragen hoe zij dit hebben aangepakt.

Er zijn op internet steeds meer forums waar u ervaringen van anderen kunt lezen of zelf een vraag kunt stellen. Doe dit wel verstandig. Vindt u het moeilijk om hierover met uw werkgever te praten? Bespreek dan de situatie eens met de vertrouwenspersoon op uw werk.

Waarom moet ik mijn behandeling afmaken als het goed gaat?

Het is belangrijk om uw behandeling af te maken, zélfs als het goed gaat. Als u de behandeling niet afmaakt, is de kans op terugval groter. Uw klachten kunnen dan zelfs heftiger terugkomen.

Zeker wanneer u medicijnen gebruikt, dient u het stoppen daarmee eerst met uw behandelaar te bespreken. Plotseling stoppen met medicijnen kan de klachten verergeren.

Wat is de rol van mijn familie en/of partner bij mijn behandeling?

Familie, vrienden en partners hebben vaak een belangrijke rol bij de diagnose en behandeling van de cliënt. Soms merken zij al eerder dan de cliënt zelf dat er iets aan de hand is. Soms spelen ze een rol bij de beslissing om hulp te zoeken. Omdat zij de cliënt goed kennen, kan het nuttig zijn om hen te betrekken bij de behandeling. Dit kan natuurlijk alleen als de cliënt daarmee instemt. Wanneer er geen toestemming is van de cliënt, worden zij dan ook niet geïnformeerd en/of betrokken.

Hoe voorkom ik dat ik anderen tot last ben?

Misschien heeft u het gevoel dat u een ander tot last bent. Bedenk u dan dat de meeste mensen graag een ander helpen. Als u de ander kunt vertellen wat hij voor u kan doen, zal de ander meestal graag helpen. Anderen kunnen u goed helpen bij uw behandeling. Het helpt om met mensen over uw vorderingen te praten. Ook kan het fijn zijn om bij moeilijke oefeningen iemand te vragen om mee te denken, of samen leuke activiteiten te ondernemen. Zelfs als u daar eigenlijk geen zin in heeft.

Kunnen lotgenoten helpen?

Veel van onze cliënten geven aan dat zij waarde hechten aan het contact met mensen die net als zij te maken hebben (gehad) met een depressie. Zij vinden steun of erkenning bij elkaar, of wisselen ervaringen met medicatie of therapie uit. Ook blijkt er bij cliënten veel kennis aanwezig over hoe u met de gevolgen van een depressie in het dagelijks leven kunt omgaan.

Contact met lotgenoten kan van grote waarde zijn voor uw behandeling. Bedenk echter wel dat als u een bericht plaatst of reageert, anderen dit bericht kunnen lezen. Lees uw bericht vóór het plaatsen daarom nog eens goed door.

Verder is het belangrijk te benadrukken dat contact met lotgenoten niet geschikt is voor het oproepen van dringende hulp. Gebruik hiervoor reguliere hulpdiensten.

Mag ik drugs gebruiken (met mijn medicatie)?

Het gebruik van drugs heeft altijd invloed op uw gemoedstoestand. Drugs worden soms ingezet om somberheid te onderdrukken. Het is echter moeilijk om in te schatten op welke manier drugs zal gaan werken. Vaak versterken drugs somberheid zelfs! Vooral op de lange termijn. U wordt dan steeds somberder en heeft steeds meer drugs nodig om dat gevoel (tijdelijk) te onderdrukken. 

Daarnaast kunnen drugs een verstorende werking hebben op eventueel medicijngebruik. In sommige gevallen kan het de werking van uw medicijnen versterken, maar in sommige gevallen zorgt het ook voor een verminderde werking. Bespreek uw drugsgebruik dus altijd met uw behandelaar. 

Mag ik alcohol drinken (met mijn medicatie)?

Het gebruik van alcohol heeft altijd invloed op uw gemoedstoestand. Alcohol wordt soms ingezet om somberheid te onderdrukken. Het lijkt vaak alsof alcohol u rustiger maakt, maar het tegendeel is waar: alcohol versterkt de emoties, dus ook somberheid.

Daarnaast kan alcohol een verstorende werking hebben op eventueel medicijngebruik. In sommige gevallen zal het de werking van uw medicijnen versterken, maar in sommige gevallen zorgt het ook voor een verminderde werking. Bespreek uw alcoholgebruik dus altijd met uw behandelaar. Deze kan u een passend advies geven over het gebruik van alcohol.

Wat moet ik doen als ik zwanger ben/wil worden?

Overleg met uw behandelaar als u zwanger bent of van plan bent zwanger te worden. Uw behandelaar zal u een passend advies geven.

Zoals algemeen gebruikelijk zal ook foliumzuur worden aangeraden en dat wordt in de regel al vóór de bevruchting gestart. Ook ten aanzien van de noodzakelijke extra controles, het beleid rond de zwangerschap en borstvoeding worden nauwkeurige afspraken gemaakt.

Hoe lang moet ik met de medicijnen doorgaan?

Hierop is moeilijk in het algemeen een antwoord te geven. Samen met uw behandelaar kan u het beste rustig alle voors en tegens bespreken en zo tot een afgewogen besluit komen. Stop in ieder geval nooit, zonder dat met uw behandelaar te bespreken.

Wat moet ik doen als ik op vakantie ga?

Een vakantie begint met het nemen van een aantal voorzorgen. Voorkom stress en onrust door een rustige voorbereiding. Op onze polikliniek kunt u een formulier meekrijgen, waarop naast de gebruikte medicatie ook allerlei informatie (bijvoorbeeld ook de telefoonnummers van huisarts en behandelaar) staat. Het is handig dit mee te nemen op vakantie.

Neem voldoende medicatie mee, doorgaans een dubbele hoeveelheid, die u verdeelt over koffers en handbagage. Stel samen met uw behandelend arts een persoonlijk noodpakket samen (denk aan slaapmedicatie). Het is niet verstandig een reis te boeken als u onstabiel bent. De veranderingen die met een reis gepaard gaan, kunnen leiden tot het toenemen van uw klachten.

Belangrijk is dat u ook op reis zorgt voor voldoende rust, voorzichtig bent met alcohol en zeker geen drugs gebruikt. Gebruikt u medicijnen en heeft u last van braken of diarree? Neem dan contact op met uw behandelaar. 

Wat moet ik doen als ik een intercontinentale vlucht ga maken?

Een eventuele vliegreis naar een land in een andere tijdzone vereist bijzondere aandacht. De klap die het tijdsverschil veroorzaakt, is (deels) op te vangen door in de dagen voor de reis het dagelijkse ritme al geleidelijk aan te passen aan de nieuwe tijd.

Dat geldt ook voor het tijdstip waarop u de medicijnen inneemt. Begin ruim van tevoren langzaam één uur per dag uw dag- en nachtritme op te schuiven naar het dag- en nachtritme zoals dat in het vakantieland geldt. Als u een grote intercontinentale reis gaat maken met een tijdsverschil van zes uur, begint u dus zes dagen van tevoren. Wanneer u teruggaat naar Nederland, doet u de hele procedure weer in omgekeerde richting.

Als u niet zo heel lang in het buitenland bent, kunt u ervoor kiezen uw medicijnen volgens de Nederlandse tijd te blijven innemen, zeker als dat tijdstip omgerekend in de tijd van het vakantieland gunstig valt.

Mist u iets in onze Kennisbank?  Of heeft u een opmerking over de tekst?  Vertel het ons: ehealth@antesgroep.nl        |        Disclaimer