Dwangstoornis

Bijna iedereen kent vaste routinehandelingen. Zo controleren de meeste mensen de sloten voordat ze naar bed gaan. Ook als ze weten dat alles in orde is. Die extra controle geeft een gevoel van veiligheid. Ook handen wassen na een toiletbezoek is voor veel mensen gebruikelijk. Sommige mensen zijn echter voortdurend bezig met controleren of wassen; onveiligheid en angst beheerst hun leven. Dan kan er sprake zijn van een dwangstoornis of obsessieve compulsieve stoornis (OCD of OCS).

Wat is het?

Iemand met een dwangstoornis heeft last van terugkerende dwanggedachten en dwanghandelingen. Dwanggedachten zijn gedachten die iemand als vreemd ervaart, ondanks dat die persoon ze zelf denkt. Ze blijven komen en kunnen niet worden tegengegaan. Een voorbeeld is smetvrees (de angst dat iets niet goed schoon is en daardoor ziekmakend).

Dwanghandelingen (compulsies) zijn steeds herhalende handelingen die steeds op dezelfde, speciale manier worden verricht. Met dwanghandelingen hopen mensen spanningen of bedreigingen te voorkomen. Het zijn echter handelingen die op zichzelf geen functie hebben. Voorbeelden zijn tellen, controleren en dingen steeds weer recht of 'goed' zetten.

Heel veel mensen hebben wel eens ongewenste gedachten die ze niet uit het hoofd kunnen zetten of doen iets dat op zich niet logisch of zinvol is om onheil te bezweren. Er is pas sprake van een dwangstoornis als de dwanggedachten en/of dwanghandelingen meer dan een uur per dag kosten of het dagelijks functioneren ernstig verstoren. Bijvoorbeeld doordat iemand er zoveel tijd mee kwijt is, dat er te weinig tijd is voor andere belangrijke dingen in het leven, zoals werk of het afspreken met vrienden of familie.

Mensen met een dwangstoornis weten dat deze handelingen niet nodig zijn. Vaak schamen ze zich ervoor, maar ze kunnen er niet mee stoppen. De dwangklachten veroorzaken vaak spanningen tussen degene met een dwangstoornis en zijn/haar omgeving. De klachten verdwijnen niet zonder behandeling. 

Symptomen

  • Dwanggedachten, terugkerende gedachten die zich blijven opdringen.  
  • Dwanghandelingen, herhaaldelijke handelingen ter geruststelling.  
  • Gedachterituelen, handelingen uitvoeren met ‘goede’ gedachten, of tellen bij de handeling.  
  • Vermijdingsgedrag, angsten uit de weg gaan, bijvoorbeeld niet meer op gas koken.

Behandeling

De dwangstoornis is meestal goed te behandelen met exposure in vivo met responspreventie. Soms in combinatie met cognitieve gedragstherapie en/of medicatie. Meestal duurt de therapie korter dan een half jaar. Vaak worden daarnaast medicijnen gegeven, die oorspronkelijk zijn ontwikkeld voor de behandeling van een depressie. 

Mist u iets in onze Kennisbank?  Of heeft u een opmerking over de tekst?  Vertel het ons: ehealth@antesgroep.nl        |        Disclaimer